4 De methodieken en instrumenten van het schoolmaatschappelijk werk

Schoolmaatschappelijk werkers passen verschillende ondersteunings- en begeleidingsmethoden toe. Samen met de leerling en/of ouder/verzorger maakt de SMW-er, afhankelijk van de aard van de hulpvraag en de mogelijkheden en situatie van de leerling en/of ouder/verzorger, een keuze voor een  (combinatie van) interventies, die het meest effectief zijn voor het bereiken van de doelen.

Hierna volgt een korte beschrijving van de belangrijkste methodieken en instrumenten die de SMW-er gebruikt.

Contextgericht werken

De schoolmaatschappelijke werker kijkt naar de leerling, de omgeving (ouders/verzorgers), de school en hoe die elkaar beïnvloeden. Problemen kunnen bijvoorbeeld  thuis ontstaan en zichtbaar worden op school in de vorm van agressief gedrag, faalangst of teruggetrokken gedrag. Ook kunnen leerlingen op school zich onveilig voelen omdat zij gepest worden of omdat de leerkracht hen niet begrijpt.  De analyse van de problemen is altijd contextgericht: het onderzoeken en analyseren van factoren die een probleem veroorzaken, oproepen, in stand houden of versterken. De gekozen aanpak hoeft niet altijd contextgericht  te zijn. Bij contextgericht werken hanteert de SMW-er verschillende interventies, zoals een contextanalyse, metacommunicatie, feedback, observaties et cetera.

Oplossingsgericht handelen

De SMW-er werkt oplossingsgericht. Deze methodiek past goed bij kortdurende hulpverlening. De SMW-er gaat gelijk aan de slag met het vinden van oplossingen voor of  het hanteerbaar maken van het probleem. Als een toeleiding naar externe hulpverlening noodzakelijk is, dan staat in het contact met het SMW die toeleiding centraal.

De SMW-er richt zich op wat de leerling en/of ouder in de toekomst wil en wenst. De nadruk ligt op de mogelijkheden en niet op de beperkingen. De SMW-er werkt met kleine en haalbare stappen. De leerling of ouder/verzorger raakt hierdoor meer gemotiveerd, omdat zij zien dat hun acties werken.

Eigenkracht benadering

Empowerment is het centrale begrip bij de Eigen Kracht benadering. De ondersteuning van leerlingen/ ouders/verzorgers is daarom gericht op het aanboren en versterken van deze kracht. De bedoeling ervan is om de leerling en zijn systeem eromheen zeggenschap te geven, zelf te laten beslissen en hen de regie te laten voeren over hun eigen leven, ook als er problemen zijn. Het is vooral een activeringsinstrument, waarbij leerlingen samen met mensen uit hun omgeving plannen bedenken om hun problemen op te lossen of dragelijk te maken. 

 

Verschillende gesprekstechnieken hanteren

Het voeren van gesprekken met leerlingen op het PO en VO vraagt van de SMW-er andere kennis en vaardigheden. In alle onderwijstypen zal de SMW-er gebruik maken van motiverende gesprekstechnieken, zoals actief luisteren, samenvatten, doorvragen en rekening houden met de behoeften van de leerling en/of ouder om hen weer zelf grip op de situatie te laten krijgen.

In het PO richt de SMW-er zich vooral op de ouders/verzorgers en de school. De SMW-er praat met leerlingen in het PO als het een toegevoegde waarde heeft. Sommige leerlingen in het PO en in het VO hebben intrapsychische problemen, zitten met zich zelf in de knoop, hebben stoornissen of last van depressieve gedachten et cetera. In gesprek gaan met deze leerlingen kan dus belangrijke informatie opleveren over hoe de leerling zich voelt of hoe het situaties ervaart. Deze informatie is waardevol voor het begrijpen van een situatie, het formuleren van een doel en het bedenken van een juiste aanpak.

In het VO wordt voornamelijk met de leerling gesproken. Indien nodig wordt overlegd/samengewerkt met de mentor van school. Ouders/verzorgers worden geïnformeerd en/of geraadpleegd. Als de problemen voortkomen uit de thuissituatie wordt getracht ouders/verzorgers nadrukkelijk te betrekken bij de hulp.

1 Gezin, 1 Plan, 1 Regisseur

Het SMW werkt vanuit het principe 1 gezin, 1 plan, 1 regisseur. Dit plan komt tot stand in overleg met ouders/verzorgers en/of met het wijkteam. Als de ondersteuningsbehoefte de schoolloopbaan van een leerling betreft, gaat het plan over de ondersteuning die de school in samenwerking met de ketenpartners kan bieden. Door dit plan gezamenlijk te maken en relevante informatie zorgvuldig te delen, kan ondersteuning tijdig en gelijktijdig worden ingezet en het aantal verschillende hulpverleners zoveel mogelijk worden beperkt. Voor leerlingen en ouders/verzorgers heeft het werken met één plan grote voordelen. Zij hoeven hun verhaal niet steeds opnieuw te vertellen en diagnoses hoeven niet overgedaan te worden. Voor iedereen is duidelijk  welke professionals betrokken zijn en samenwerken en wie het eerste aanspreekpunt is voor de leerling en het gezin.

Wanneer bij  leerlingen problematiek speelt die niet alleen met de school te maken heeft,  dan ligt de casusregie bij het wijkteam van de wijk waar de leerling woont.

SMW en de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling

De wet stelt gebruik van een Meldcode verplicht voor professionals bij (mogelijke) signalen van huiselijk geweld en kindermishandeling. In Rotterdam staat in een stappenplan van de Meldcode duidelijk beschreven wat van professionals  en instellingen die onderwijs, opvang, hulp, zorg of ondersteuning bieden, wordt verwacht bij een vermoeden van kindermishandeling en/of huiselijk geweld. Dat begint vanaf het moment dat er signalen zijn. Deze stappen kunnen in het uiterste geval leiden tot een melding bij het Steunpunt Huiselijk Geweld NWN of het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling (vanaf 1 januari 2015 bij ‘Veilig Thuis’).

SMW-ers hebben in het kader van de Meldcode een essentiële taak. Een goed voorbeeld daarvan is het onderwijsteam te leren om signalen te herkennen die kunnen wijzen op huiselijk geweld en kindermishandeling. In eerste instantie zal de SMW-er in het PO en het VO het onderwijsteam ondersteunen bij de gespreksvoering met de ouders/verzorgers. Als dit niet haalbaar of mogelijk is, dan gaat het SMW samen met de school een gesprek aan met de ouders/verzorgers. Op scholen of binnen het SMW team is veelal een aandachtfunctionaris huiselijk geweld en kindermishandeling aanwezig. Meldingen door het SMW bij  ‘Veilig Thuis’ worden altijd eerst besproken met de aandachtfunctionaris. 

Zie voor de volledige tekst:

http://www.ggdrotterdamrijnmond.nl/huiselijkgeweld/meldcode.html?tx_rkdownload_pi1%5Bfileid%5D=345&cHash=4d43d0a22a7ebaa66ce79297f0f2438f

 

SMW en SISA

SISA staat in Rotterdam voor Stadsregionaal Instrument Sluitende Aanpak. In SISA registeren professionals de persoonsgegevens  van jeugdigen (tot 23 jaar) en/of het systeem eromheen waarover zij zich zorgen maken, bij betrokken zijn, ondersteuning bieden of al een zorgtraject mee zijn gestart. Er wordt alleen geregistreerd dát er iets aan de hand is en welke mogelijke andere hulpverleners betrokken zijn. De achtergrond of inhoud van de situatie wordt niet bekend gemaakt. SISA zorgt ervoor dat hulpverleners elkaar snel weten te vinden en beoogt de samenwerking en afstemming tussen de verschillende hulpverleners die bij dezelfde jeugdigen/ gezinnen betrokken zijn, te bevorderen. Ouders/verzorgers/leerlingen moeten altijd worden geïnformeerd vóór het afgeven van een signaal in SISA. Er is nooit toestemming nodig voor het afgeven van dit signaal omdat in SISA geen inhoudelijke informatie verwerkt wordt. 

Alle organisaties die zijn aangesloten op SISA hebben het Samenwerkingsconvenant Verwijsindex Risico’s Jeugdigen stadsregio Rotterdam getekend en zich daarmee gecommitteerd om te werken volgens deze regels. Deze regels omvatten ook het afstemmen na een match en de regels voor inhoudelijke informatiedeling.

De signalering vanuit de school gebeurt door de onderwijsprofessional. Dat kan bijvoorbeeld een intern begeleider of zorgcoördinator zijn. Wanneer de schoolmaatschappelijk werker een hulpverleningsplan start rondom dezelfde leerling, dan geeft zij in overleg en afstemming met de school ook een signaal af in SISA. Beiden signaleren echter op basis van de eigen betrokkenheid bij de leerling, aan de hand van een risicoprofiel of ze wel moeten gaan signaleren of niet. Is de betrokkenheid bij de leerling voorbij, dan is het raadzaam het signaal in SISA te deactiveren.

Zie voor de volledige tekst:

http://www.sisa.rotterdam.nl/media/Handreiking%20signaleren%20in%20SISA%20voor%20professionals%20binnen%20het%20onderwijs%202013.pdf


 

 

 

Heeft u vragen?

Stel ze via ons formulier